Hajar Fargan: ‘Ik wil zo graag kunnen geloven’
Theatermaker en acteur Hajar Fargan is jaloers op mensen die kunnen geloven. Niet in de eerste plaats op de antwoorden die zij hebben gevonden, maar op de moed om zich over te geven aan iets waarvan ze het niet zeker weten. In haar nieuwe voorstelling God kom(t) terug, gemaakt bij Frascati Producties, onderzoekt ze die spanning tussen verlangen, twijfel en verwondering. Wat gebeurt er wanneer je verlangt naar iets waarin je niet zomaar kunt geloven?
Spelen
Voor Hajar is theater al vanaf jonge leeftijd een manier om verschillende werkelijkheden te onderzoeken. “Ik ben al op de basisschool en de middelbare school begonnen met toneelspelen.” Haar belangstelling voor spelen heeft volgens haar direct te maken met haar eigen geschiedenis. “Spelen paste heel erg bij opgroeien in dit land, wat niet van mij is, omdat ik geëmigreerd ben uit Marokko. Dan heb je meteen al een soort bewustzijn van verschillende soorten identiteiten. Wat spelen natuurlijk ook is: je gaat verschillende soorten mensen en verschillende levens proberen vorm te geven.”
Theater maken kwam geleidelijk. Toen ze achttien was, deed ze auditie voor de toneelschool, maar ze werd afgewezen. Uiteindelijk bleek die afwijzing een omweg die bepalend zou worden voor haar huidige manier van werken. Ze ging antropologie studeren, een studie die volgens haar veel invloed heeft gehad op haar makerschap. “Wat theater doet, is dat we hele grote dingen, concepten, ervaringen, problemen, proberen te begrijpen via een heel intiem, klein verhaal. Dat doet antropologie eigenlijk ook. Die studie voelt een beetje als een soort vooropleiding voor mijn makerschap.”

Ontheemd
God kom(t) terug is haar eerste productie bij Frascati Producties, maar niet het eerste werk dat ze zelf van begin tot eind maakt. Eerder maakte ze Meet the Method en Dagboek van een beweging. In beide werken komt een thema terug dat ook in haar nieuwe voorstelling een belangrijke rol speelt: ontheemding. In Meet the Method onderzocht ze het idee van maakbaarheid. “Dat ging over een figuur die dat heel erg aanhing. Het was een op hol geslagen zelfhulpcursus.” Dagboek van een beweging ging over migratie en de gevolgen daarvan. “Bewegen van het ene land naar het andere doet wat met je begrip van de wereld en met de relatie met je omgeving. Het kan ook gevoelens van rouw opleveren.”
In God kom(t) terug krijgt ontheemding een spirituele dimensie. De voorstelling draait om wat Hajar omschrijft als de blijvende “eenzaamheid in onze existentie”. “Ik onderzoek het gat dat we als mensen allemaal hebben,” vertelt ze. “Dat gat bestaat eruit dat niemand echt jouw ervaring kan begrijpen of delen. Je kan dichtbij komen met een partner, met broers en zussen, met ouders. Met mensen die je lang bij je hebt. Maar er blijft een eenzaamheid. Dat gat daar probeer ik steeds heen te bewegen in de voorstelling. Ik vraag me af: Wat zit daar? Hoe voelt dat gat? Blijft het daar voor eeuwig? Kan ik er vanaf komen? Waar kan ik het mee vullen?”

Jaloezie
De aanleiding voor God kom(t) terug ligt dicht bij Hajar zelf. Verschillende vrienden van haar bekeerden zich tot de islam of het christendom. Dat riep niet alleen vragen op, maar ook een onverwacht gevoel. “Ik voelde daar allerlei ongemak bij. En vooral jaloezie.” Wat haar fascineert, is de overgave die geloven vraagt en die ze bij haar vrienden ziet. “Ik vind het heel moedig. Omdat je geen grip hebt. Omdat je niet zeker weet. Ik denk dat ik ook vooral jaloers ben op de moed. Iemand durft dat maar gewoon.” Die overgave hoeft voor Hajar niet uitsluitend religieus te zijn. In de voorstelling onderzoekt ze hoe verschillende vormen van overgave zich tot elkaar verhouden. “Hoe verschillend is bijvoorbeeld de overgave aan Allah versus de overgave aan je intuïtie? Of hoe anders is weer de overgave aan een yoga practice?”
Daarmee gaat God kom(t) terug niet zozeer over de vraag of God bestaat. God vormt eerder het vertrekpunt voor een onderzoek naar het proces van zoeken. “Het gaat over de reis die mensen naar hun antwoorden toe maken. Dat vind ik eigenlijk veel kwetsbaarder en intiemer om te delen dan het resultaat dat mensen vinden.” Dat zoeken zit ook in haar manier van schrijven en maken. “Ik maak om te begrijpen. Al schrijvend ben ik hardop aan het begrijpen.” Het maken van de voorstelling heeft haar eigen verhouding tot haar vrienden en hun geloof veranderd. “Het schrijven van deze voorstelling heeft me geholpen. De jaloezie op mijn vrienden is minder. Hij is op een bepaalde manier ongevaarlijk geworden. Omdat ik er grip op heb. Het meer begrijp.”
Verwondering
Uiteindelijk komt alles in de voorstelling samen bij verwondering. Geloven is volgens haar per definitie verwondering. In de voorstelling onderzoekt Hajar hoe je weer ontvankelijk kunt worden voor die verwondering. “Ik denk dat we de verwondering aan deze kant van de wereld langzaam kwijt zijn geraakt. Dat vind ik een heel verdrietig gegeven.”
Het personage denkt tijdens een bliksemflits God te ervaren, maar leert vervolgens hoe bliksem wetenschappelijk werkt. “Met positieve en negatieve deeltjes die over elkaar wrijven, wordt het allemaal verklaard. Toch verdwijnt de verwondering niet.” Begrijpen hoeft verwondering niet uit te sluiten. Voor Hajar begint verwondering bij aandacht voor wat buiten jezelf ligt. “Als je je wilt verwonderen, moet je kijken, moet je voelen, moet je ervaren.” Ze ziet om zich heen vooral een beweging naar binnen. “Ik ervaar dat mensen steeds meer geloven in hun eigen waarheid. Of alleen willen geloven in de waarheid die ze al kennen. Verwondering is de verbinding met je omgeving. Het kan heel eenvoudig zijn. Bijvoorbeeld: ken je je buren? Wat weet je van anderen en wat wil je van ze weten?”
Daarmee raakt de voorstelling ook aan de behoefte aan gemeenschap. En precies daar ziet Hajar een belangrijke kracht van theater. “Ik vind het allermooiste van theater dat wij samen in één ruimte zijn. Fysiek. Dat is heilig. Dat we de tijd nemen, dat we zeggen: ‘Ik doe mijn telefoon uit, ik ga nu zitten, ik ga nu anderhalf uur naar jou luisteren. En jouw aanwezigheid heeft invloed op mij en andersom.’”
Stilte
Die gezamenlijke aanwezigheid krijgt in de voorstelling ook vorm in stilte. Een belangrijke scène is gebaseerd op een herinnering uit Hajars jeugd. Haar vader kocht ooit een zingende klok. Vijf keer per dag zong de klok om het gezin naar het gebed te leiden. Het liedje duurde 44 seconden. “Tijdens dat liedje waren mijn ouders stil. Ik dacht daardoor als kind altijd: God bestaat in stilte. Ik denk dat God, het goddelijke, het boven- en buitenmenselijke pas ruimte kan krijgen als wij die ruimte maken in stilte.”
Stilte heeft voor Hajar zowel een spirituele als een theatrale betekenis. Ze kan ruimte scheppen, maar ook confronteren. “Stilte vind ik als menselijk en theatraal gegeven heel interessant. Ik word bijvoorbeeld echt super ongemakkelijk als het bij een voorstelling die ik zie te lang stil is. Dan denk ik: Wat is dat ongemak? Wat kijk ik nu aan, als publiek? En ik denk: vooral mezelf.”
Ruimte
Hajar geeft les aan de toneelschool. “Ik ervaar daar hoe bepalend die positie is en hoe zorgvuldig je als leraar moet zijn.” Die ervaring neemt ze mee in haar voorstelling. “Ik hoop dat mijn nieuwe voorstelling kan bijdragen aan een rijker en genuanceerder beeld over levensbeschouwing. Dat leraren die de voorstelling zien dat meenemen en daarmee ruimte kunnen geven aan leerlingen en studenten die zoeken. Als ik dat bereik, ben ik happy.”
Uiteindelijk gaat het Hajar niet om sluitende antwoorden over geloven, maar om het verkleinen van de afstand tussen verschillende manieren van kijken naar het leven. “Ik zou graag willen dat de afstand tussen al onze vormen van het leven beschouwen kleiner wordt. Ze verschillen namelijk helemaal niet zoveel van elkaar.”
Hajar speelt de voorstelling in de periode van 14 oktober 2026 tot en met 28 januari 2027. De speellijst is te vinden via God kom(t) terug – Hajar Fargan / Frascati Producties | Frascati.
Winactie
Frascati stelt twee kaarten beschikbaar. Wil je de kaarten winnen, geef dan uiterlijk 12 oktober de datum (liefst meerdere) van je keuze door via pieter@vdlginfo.nl. Na deze datum nemen we zo snel mogelijk contact op met de winnaar van de kaarten. Je kunt een keuze maken uit de data vanaf 17 oktober.
Banner: tirachard via Magnific. Portretfoto: Eva Roefs. Montage: illustratie van Hannes Schievink en fotografie van Kiriko Mechanicus.