Boekbespreking: Leren van je leven
9 april 2026

Jos van den Brand las en besprak het boek: Leren van je leven. Een interessanre thematiek voor de opleidings- en lespraktijk. Jos is docent levensbeschouwelijke vorming aan de Thomas More Hogeschool in Rotterdam
Michiel Janssens (1964) werkt als docent onderwijspedagogiek en intervisie aan de pabo van hogeschool Saxion in Deventer. Hij schreef een boek over autobiografische reflectie voor (aankomende) leraren in het basisonderwijs.
Het is mijn ervaring als pabodocent dat veel studenten het lastig vinden om te reflecteren. Ook vragen ze zich af waarvoor dat nodig is. Janssens laat overtuigend zien waarom dit van belang is. Je eigen ervaringen kleuren hoe je handelt als leraar. Het is goed om je hiervan bewust te zijn en deze samenhang te onderzoeken.
Het boek bestaat uit twee delen. In het eerste deel werkt hij een stappenplan voor de autobiografische reflectie uit. 1. Het beschrijven of verbeelden van ervaringen. 2. De ervaringen onderzoeken op thema’s, perspectieven en/of spanningsvelden. 3. De ervaring verdiepen met kennis en inzicht van deskundige anderen. 4. De ervaringen verbinden met de persoonlijke en professionele ontwikkeling.
In het tweede deel worden acht thema’s en spanningsvelden uitgewerkt die de reflectie verder kunnen verdiepen. Een voorbeeld is de morele ontwikkeling waaraan het spanningsveld waardenoverdracht en waardenverheldering is gekoppeld.
Wat het boek aantrekkelijk maakt, is dat Janssens veel voorbeelden geeft uit zijn eigen praktijk als lerarenopleider. Hierdoor is duidelijk wat hem voor ogen staat met autobiografische reflectie, en hoe rijk deze kan zijn. Ook kunnen deze voorbeelden beginnende leraren helpen om zelf te reflecteren op hun eigen autobiografie. Verder brengt hij theorieën terug tot hun kern, waardoor ze begrijpelijk worden voor leraren die praktisch zijn ingesteld.
Minder sterk vind ik de complexiteit van het boek. Janssens reikt acht invalshoeken, tien spanningsvelden en zeer veel thema’s aan. Daar komt nog bij dat hij bij de behandeling van de theorie veel met opsommingen werkt. Hierdoor raak ik als lezer het overzicht kwijt en vraag me af wat precies de bedoeling is. Het is jammer dat Janssens weinig aanwijzingen geeft hoe de beginnende leraar kan omgaan met deze complexiteit.
Verder mis ik als invalshoek de levensbeschouwelijke pedagogiek die voor docenten godsdienst/levensbeschouwing op pabo’s van belang is. Hoe ga je bijvoorbeeld om met fricties op dit gebied in je klas? Wat is hierbij de rol van je eigen levensbeschouwing?
Janssens heeft een praktisch boek geschreven dat goed bruikbaar is voor beginnende leraren om te reflecteren op hun eigen biografie. Het uitgangspunt om eigen ervaringen te onderzoeken en te koppelen aan theorieën is goed gekozen. Docenten godsdienst/levensbeschouwing kunnen inspiratie opdoen in dit boek om zelf opdrachten te maken voor hun leerlingen of studenten voor levensbeschouwelijke, autobiografische reflectie.